index

NU WEER DE KERMIS GLOEIT MET DUIZEND LICHTEN

 

 

In mei 2007 verscheen de prachtige uitgave ‘Nu weer de kermis gloeit met duizend lichten’, bestaande uit gedichten en afbeeldingen van kunstwerken over dit al eeuwenlang belangrijke volksvermaak. Het boek is het resultaat van een samenwerkingsproject van het Nederlands Centrum voor Volkscultuur in Utrecht, Historisch Centrum het Markiezenhof te Bergen op Zoom, dat een kermismuseum huisvest, de stichting Kermis-Cultuur in Eindhoven en het Singermuseum in Laren, dat de bijbehorende expositie ‘Altijd Prijs! Kermis & Kunst’ organiseerde.



 

In de bloemlezing werd het gedicht ‘Zweefmolen’ van Albert Hagenaars opgenomen, dat in een eerdere versie in de bundel ‘Drijfjacht’ verscheen, bij Doorgeverij Zinderend in 2005.

ZWEEFMOLEN 

Daar klinkt de rinkel, zet de zweef zich in
beweging en draait de wereld lager onder ons
vandaan. Vader, handen aan de hendel, lacht

weg, zijn stem gaat verloren in schlagers
over liefde en dood en sneller, nog sneller
en hoger hang ik in zijn baan en voel

hoe boven mij

de ketting breekt.

Zo klein deze stad, zo vol en lokkend
de armen van moeder aan de nabije einder
waar de Schelde blinkt in blauw voorjaarslicht.

Nooit meer kom ik in haar aan, nooit meer
val ik terug op wie zij in mij moest zien.
Ik blijf in hun onverenigbare ban en zweef.

 

'Zweefmolen' werd samen met enkele andere gedichten voorgelezen door samensteller Bert Bevers (tijdens een bezoek aan de Sinksenfoor te Antwerpen) in het culturele programma De Verbeelding van de Wereldomroep op 11 juni 2007.
U kunt het betreffende fragment van ruim 4 minuten beluisteren door op onderstaande knop te klikken:

of via: de Wereld Omroep

De samenstelling van de poëzie, bijna 80 gedichten uit de laatste honderd jaar, was in handen van de bekende dichter en publicist Bert Bevers. Hij selecteerde werk van Gerrit Achterberg, H.H. ter Balkt, F.L. Bastet, H.C. ten Berge, Bernlef, Bert Bevers, Ulrich Bouchard, Liane Bruylants, Frans Claus, René De Clercq, Emma Crebolder, René Van Daele, Johan Daisne, Charles Ducal, Jozef Eijckmans, Hanneke van Eijken, Lernert Engelberts, Diann van Faassen, Agnita Feis, Fernand Florizoone, Piet Gerbrandy, Eva Gerlach, Guido Gezelle, A.W. Grauls, Maria de Groot, Albert Hagenaars, Kees Hermis, Ingmar Heytze, Peter Holvoet-Hanssen, Philip Hoorne, Pierre Kemp, Peter der Kinderen, Hans Kok, Judy Koot, Nannie Kuiper, Wiel Kusters, Pieter Langendijk, Jef Last, Jan Lemmens, Gerry van der Linden, Mark Meekers, Hubert Melis, Wil Melker, Willem de Mérode, F.J. Mink, Maurits Mok, Martinus Nijhoff, Jan van Nijlen, Roger Nupie, Toon van Opstal, Hanneke Paauwe, Reine De Pelseneer, W.L. Penning, Ton Peters, Michaela Pölzl, Cees van Raak, Daniël Van Ryssel, Arnold Sauwen, Ingmar Schippers, Louis Schröder, Max Schuchart, Floris Seidel, Amand Simoens, Garmt Stuiveling, Hans Tentije, Wim van Til, Tymen Trolsky, Edward van de Vendel, François Vermeulen, Harry M.P. van de Vijfeijke, Ina van Vondel, Kees Wagtmans, Hans Warren, Jan Kees van de Werk, Anton van Wilderode en W.J. van Zeggelen.

De samenstelling van de illustraties, van kunstwerken uit de laatste 400 jaar, werd verricht door Johanna Jacobs en Ineke Strouken. Zij namen werk op van o.m.: Jan Bentener, Sjoerd van den Boom, Hendrik Gerrit ten Cate, R. Gessner, Ferdinand Hakkaart, Jan Hovener, Modest Huys, Frans Huysmans, Clazien Immink, Isaac Israëls, Pyke Koch, Max Liebermann, Pieter van Maes, Hubert Malfait, George Martens, W. Meijer, Henk Melgers, Joop Mijsbergen, Nico Molenkamp, Jaap Oudes, Constant Permeke, Ru van Rossum, Gustave De Smet, Gerrit Sol, Edgard Tijtgat, Willem Tholen, W. Vaarzon Morel, Rita Vansteenlandt, Karel Venneman, David Vinckboons, P. Wiegman,Cor de Wolff en Willem de Zwart.

De titel van het boek werd ontleend aan het gedicht ‘Kermis’ van Jan van Nijlen.

ISBN 97 89071840 692. Prijs 22,50. Behalve in de boekhandel ook verkrijgbaar via ncv@volkscultuur.nl

 

RECENSIE

Nu weer de kermis gloeit met duizend lichten is een juweeltje van vormgeving. Hier staat de "kermis" in al haar glorie op het marktplein, dank zij samensteller Bert Bevers die kon rekenen op het Nederlands Centrum voor Volkscultuur (Utrecht), het Historisch Centrum "Het Markiezenhof" (Bergen op Zoom), de stichtingen Kermis-Cultuur (Eindhoven) en Singer (Laren).
Het zou onheus zijn indien ik ook Johanna Jacobs, Karel Loeff en Ineke Strouken van de beeldredactie niet zou feliciteren. De titel van het boek is ontleend aan het gedicht Kermis van Jan van Nijlen. Drukkerij Graficiënt Laren heeft een hoogwaardig product afgeleverd.
De keuze van de gedichten is altijd een delicate oefening, maar Bert Bevers heeft nogmaals bewezen dat hij een fijne neus heeft voor poëzie en thematisering. Hij is -zoals u weet- niet aan zijn proefstuk.
De keuze van het openingsgedicht, Het spookhuis verliefd van Ingmar Heytze, is niet zonder gevaar. Het is zo mooi en het wekt hierdoor ook hoge verwachtingen. De wonderlijke wereld van de kermis wordt erin tot leven gebracht.
Dit boek presenteert enkele aspecten van de artistieke beleving van de kermis. Al eeuwenlang is kermis een inspiratiebron met een uiteenlopende achtergrond. De kermis blijft boeien. Bert Bevers werd erdoor getroffen en legde een verzameling van honderden gedichten aan.
Nostalgie is het terugkerend thema in vele gedichten van bekende en minder bekende Nederlandse en Vlaamse dichters. De gedichten gaan over botsautootjes, draaimolens, schietkramen, spookhuizen en het reuzenrad. Opvallend is echter dat ook de moderne, lawaaierige, elektronische attracties niet worden geweerd.
De beeldende kunstenaars uit de eerste helft van de 20ste eeuw geven hun indrukken weer die zij opdeden van de kermis in de stad of op het platteland. Sommigen leggen de nadruk op de parade of de carrousel, anderen nemen de kermis als geheel of willen de sfeer weergeven.
De gedichten die mij het meest bekoren, zijn van Bert Bevers zelf, Frans Claus, Fernand Florizoone, Albert Hagenaars, Peter Holvoet-Hanssen, Philip Hoorne, Daniël Van Ryssel, François Vermeulen en Antoon van Wilderode.
Het beeldend werk dat mij aangrijpt, komt van Willem de Zwart, Draaimolen (1897-1898) en Dorpskermis, W.F.A.I. Vaarzon Morel, De sterke man of de reus Raymond, Kermisgebak en Rozen, Frans Huysmans, Kermis in de Rustende Jager in Bergen (1914), George Martens, Stoomcarrousel-Meikermis in Groningen (1930), Henk Melgers, Meikermis (1930), Modest Huys, Kermis in Kerselaere, Jan Hovener, Personen bij een draaimolen (2de helft 20ste eeuw), Edgard Tijtgat, La Baraque (1919) en La joie d'été (1951) en Jaap Oudes, Kermis te Lier (1971).
Kermis is een persoonlijke ervaring, een feest waarop ik met weemoed terugkijk. Persoonlijke emoties spelen hierbij de hoofdrol. De kermis uit mijn kinderjaren, de romantiek van kermis, de spanning, de uitgelatenheid als de kermis in de stad was.
Nu weer de kermis gloeit met duizend lichten ontroert mij. De meeste gedichten brengen in mij de essentie naar voren van wat ik als kind en adolescent voelde. Kopen dit juweeltje!

Thierry Deleu, De Geletterde Mens, 31 mei 2007


index