index

KERSTGEDICHT

 


Moza´ek van Flavius Valerius Aurelius Constanti-
nus in de Hagia Sophia in de door hem gestichte stad Constantinopel, het huidige Istanbul.

 

KEIZERLIJKE OVERPEINZINGEN

Al weken zeikt het, het paleis stinkt
als een hol vol loopse wolven.
De vrouw is chagrijnig en ook
de senatoren wil ik niet meer horen.

Ik, Constantinus, de Augustus van het rijk,
geef ze hun zin, net als dat stelletje
bisschoppen dat niet van ophouden weet,
mij met spitsvondigheden verveelt.

Want wat maakt het ook uit? Sol Invictus
en Ra en Helios en al die andere zonnegoden
worden niet voor niets ook al op die dag
opgetuigd en met lippen besmeurd.

Waarom Het Licht van de Wereld
dan niet, zoals ze die Jezus hier nu noemen?
Hij kan er nog wel bij in de vrije dagen
na de Saturnalia, ha politieke bezinning!

Welke slaaf zal ik dit jaar dan dienen? Waar
is de tijd dat de kaarsen nog vlam vattende
mensen waren van vlees en bloed en kreten?
Bij Hercules, had Licinius dan toch gelijk?

index